Feministes trekken op met defend netherlands klopt dit wel
00:00
00:00
Gelukkig is er voor elk ingewikkeld maatschappelijk probleem nog altijd een heerlijk simpele oplossing beschikbaar: harder roepen. Dat is de moderne volksgeneeskunde van de publieke ruimte. Geen dossierkennis nodig, geen geduld, geen onderscheid tussen feit en gevoel; als het maar lekker strak klinkt op een spandoek en een beetje boos genoeg is voor de camera. En hoe groter de verwarring, hoe sneller er mensen opstaan die zichzelf tot laatste verdedigers van land, cultuur, vrouw, gezin, stoeptegel en verkeersdrempel uitroepen.
Alsof elk probleem pas echt bestaat wanneer er een megafoon naast staat. Het wonderlijke is dat groepen die elkaar op dinsdag nog niet wilden groeten, op zaterdag ineens broederlijk kunnen samenlopen als er maar een gezamenlijke vijand is verzonnen. Dat is de romantiek van de opwinding: iedereen voelt zich even dapper, totdat er nagedacht moet worden. En precies daarom is het goed om af en toe door de slogans heen te prikken. Niet om debat te smoren, wel om te voorkomen dat onderbuik zich weer eens uitgeeft voor gezond verstand.
De golf van haat, angst of kudde-mentaliteit raast weer eens door Nederland. Vooral aangejaagd door kleine groepen die zich overal laten zien waar iets met een AZC aan de hand is. De demonstranten die zich daar verzamelen zijn diverser van samenstelling geworden. Waren het eerst vooral bewoners die onder de noemer “Not in my backyard” geen gedoe in hun nabijheid wilden, nu sluiten ook gezinnen aan die hun kinderen meenemen naar zulke acties. Of dat voor die kinderen verstandig is, had men zich eerder mogen afvragen.
Het rare feit voltrekt zich nu dat mensen van heel uiteenlopende pluimages toch samen optrekken in de naar ons idee te veel opgeblazen angst voor buitenlandse mensen die hier aankomen. Er zitten zelfs zogenoemde performatieve feministen tussen die vinden dat ze ook in zo’n demonstratie moeten kunnen meelopen, soms zij aan zij met jonge aanhangers uit de manosphere-hoek, waar mannen juist voorrang boven vrouwen krijgen. Eigenaardig is zacht uitgedrukt. Ook schuiven er politici of politieke meelopers aan die de zaak nog verder opstoken met halve waarheden en grootspraak.
Zo ontstaat een vorm van opruiing waar duidelijker tegen moet worden opgetreden. Deze groepen zouden net zo goed kunnen demonstreren bij de partijen die al jaren de opvang traineren en vervolgens wijzen naar Ter Apel als bewijs dat opvang niet werkt. Terwijl juist meer spreiding, meer locaties en een betere doorstroom de druk zouden kunnen verminderen.
En dat er groepen zijn die zich Engelse namen aanmeten terwijl ze de Nederlandse cultuur zeggen te beschermen, blijft toch een fraai staaltje zelfspot. Denk aan Farm Defence Force en Defend Netherlands. Daarbij komt nog dat mensen in zulke groepen graag roepen dat de AZC-bevolking alles gratis krijgt, terwijl zij zelf alle lasten dragen. Maar wie wekenlang protesttoerisme bedrijft, bierblikjes laat slingeren en stoer wil doen met vuurwerk, oogt ook niet direct als het morele kompas van het land.
Er gaat veel mis en er zijn nog te weinig goede oplossingen. Maar deze geweldsspiraal is zeker geen oplossing. Dan lijkt mij de volgende uitspraak een betere: “AZC? Geef ons er maar twee!”
Er is iets fascinerends aan onze tijd: zodra er ergens een dreiging opduikt, schieten wij niet eerst in wijsheid, maar in woorden. Dan worden er meteen kaarten getekend, meningen warmgedraaid en vermoedens opgeblazen alsof ze al in de krant horen met corpsgrootte paniek. De mens van nu wil niet simpelweg weten wat er aan de hand is; nee, wij willen ook alvast sidderen, duiden, speculeren en heel professioneel op de zaken vooruit bibberen. Het liefst nog vóór de experts hun jas hebben dichtgeknoopt.
En eerlijk is eerlijk: geen enkel tijdperk vertrouwt zo heilig op techniek en controle, terwijl het tegelijk zo snel in kleine collectieve zenuwen schiet. We hebben koelkasten die met ons praten, horloges die ons hartslagritme kennen, en toch blijven we op elk onbekend gevaar reageren alsof de pestkar net de straat in rolt. Voor je het weet is voorzichtigheid alweer verkleed als theater. En juist daarom is het soms goed om even terug te kijken: niet om bang te blijven, maar om te zien dat de mens zichzelf al eeuwen even hard opjut als redt.
In deze recente periode hebben twee besmettingen het wereldnieuws gehaald. Die van het hantavirus op een Nederlands cruiseschip en daarnaast weer een andere, angstaanjagende ebolavariant. Het aantal slachtoffers is verdrietig, al blijven de aantallen voorlopig nog beperkt. Velen onder ons hopen dat zo’n virus maar ver weg blijft van Nederland. Maar in de berichtgeving zie je al dat dat lang niet altijd lukt, of dat zo’n verhaal beperkt blijft tot de ver-van-mijn-bedshow.
Om even in Nederland te blijven met dit onderwerp over besmettelijke ziekten: die waren in vroegere tijden nog groter in aantal en troffen vaak ook veel meer mensen. Eén voorbeeld uit het Nederland van zo’n anderhalve eeuw geleden. Ons land stond bekend om de zuivel, maar schoon en veilig was die productie lang niet altijd. Rauwe melk werd vaak direct gedronken, terwijl hygiëne op het erf en rond de uiers lang niet op orde was.
Daar kwam nog bij dat bij handel en verwerking niet alles even netjes verliep. De romantiek van de oude boerenwereld was in de praktijk soms gewoon een modderig en ongezond bedrijf. Vervuilde melk kon mensen ernstig ziek maken. Juist daardoor werd duidelijk hoe groot de stap vooruit was toen melk verhit en dus veiliger gemaakt ging worden.
Pasteurisatie zorgde uiteindelijk voor schonere melkproductie via het kort verhitten van de melk. Dat ging niet vanzelf, want er waren ook toen mensen die riepen dat smaak en kwaliteit daaronder zouden lijden. Toch bleek die stap onmisbaar. Soms is vooruitgang nu eenmaal minder gezellig dan gewoonte, maar wel een stuk verstandiger.
Nu maar hopen dat wereldse pandemieën en bijvoorbeeld een nieuwe grote golf voorlopig uitblijven, want zonder die besmettelijke ziekten is het al zwaar genoeg in de wereld.
Soms heb je van die momenten waarop alles precies klopt. De zon die net even goed doorbreekt tussen de wolken, een kop koffie die nét de juiste temperatuur heeft, of dat ene liedje dat precies op het juiste moment begint.
En dan denk je: ja… zo kan het dus ook.
We leven in een wereld waarin alles sneller gaat dan ooit. Berichtjes vliegen heen en weer, schermen trekken constant onze aandacht en stilte lijkt soms bijna een vergeten luxe. Maar juist in die drukte zitten kleine momenten verstopt… momenten waarop we het nét even anders kunnen doen.
Niet groots, niet ingewikkeld. Geen wereldschokkende veranderingen. Gewoon kleine keuzes. Een beetje rekening houden met elkaar. Een beetje bewust zijn van de ruimte die je deelt.
Want uiteindelijk zijn het juist die kleine dingen die bepalen hoe iets voelt. Of een plek prettig is… of juist totaal niet.
En grappig genoeg merk je dat vaak pas als het ontbreekt.
En precies daar… daar wil ik het even over hebben.
In het openbaar vervoer is het altijd weer genieten van onze collectieve sociale vaardigheden. Tenminste… dat idee hebben we. Want als je het zo bekijkt, zijn we ontzettend sociaal. Iedereen doet namelijk precies waar híj zin in heeft, zonder zich ook maar een seconde druk te maken om de rest. Dat is ook een soort vrijheid, toch?
Neem de buschauffeur. Die zit daar elke dag, weer of geen weer, klaar om je veilig van A naar B te brengen. Een simpel “goedemorgen” of “dank je wel”? Dat voelt voor veel mensen als een spannende uitdaging. Alsof je ineens auditie doet voor een toneelstuk waar je niet voor hebt ingeschreven.
En dan de stiltecoupé… die bestaat vooral als concept. Een soort mythische plek waar stilte de bedoeling is, maar waar gesprekken juist nét wat harder lijken te gaan. Want ja, als je eenmaal zit, moet dat telefoongesprek natuurlijk wel even afgemaakt worden. Liefst op speaker, zodat iedereen kan meegenieten van het drama aan de andere kant van de lijn.
Muziek luisteren doen we ook samen. Gewoon via de speakers van de telefoon, alsof de hele coupé spontaan onderdeel is geworden van jouw persoonlijke playlist. En video’s? Die kijken we uiteraard met geluid. Want waarom zou je oortjes gebruiken als je ook een complete surround-ervaring kunt creëren voor onbekenden?
En eten… ja, dat hoort er natuurlijk ook bij. Niets zegt “goedemorgen” zoals de geur van een broodje knoflooksaus om half acht ’s ochtends. Smakelijk voor de één, een beproeving voor de ander.
We verwachten allemaal dat het OV een fijne plek is. Rustig, comfortabel, een beetje aangenaam. Maar dat begint niet bij regels of borden… dat begint bij onszelf.
Want eerlijk is eerlijk: hoe moeilijk is het nou echt? Even een groet, oortjes in, stem iets zachter, een beetje opletten. Kleine gebaren, geen grote moeite.
En toch… maken juist die kleine dingen het verschil tussen een reis die je ondergaat, en een reis die gewoon prettig is.
Sociaal zijn in het OV? Het is geen kunst. We zijn het alleen een beetje verleerd.
Cultuur van traditie tot tiktok in een wereld die nooit stilstaat
00:00
00:00
Scroll… like… volgende.
Het ritme van vandaag is geen klok meer, maar een duim. Een eindeloze stroom van beelden, geluiden en meningen die langs ons heen glijden alsof het niets is… en tegelijk alles bepalen.
Sociale media is allang geen speeltuin meer. Het is een podium geworden. Iedereen staat erop, iedereen doet mee. Van een dansje in de woonkamer tot een mening over de wereld — alles krijgt een plek, alles krijgt een publiek. En ergens in die stroom ontstaat iets bijzonders: een nieuwe vorm van cultuur. Snel, rauw, direct… en soms net zo vluchtig als het moment zelf.
Wat vandaag trending is, kan morgen vergeten zijn. Maar juist in die snelheid zit ook kracht. Creativiteit schiet alle kanten op, ideeën vliegen de wereld over zonder paspoort, en stemmen die vroeger nooit gehoord werden, krijgen nu ineens een megafoon.
Maar tegelijk…
Als alles cultuur kan zijn, wat blijft er dan echt hangen?
Wat raakt nog, als alles voorbij flitst?
En precies daar, tussen die eindeloze scroll en dat ene moment van aandacht… begint het verhaal van vandaag.
We leven in een tijd waarin cultuur overal is… en tegelijk nergens lijkt te landen. Een museum past tegenwoordig in je broekzak, een concert begint met een swipe en eindigt met een like. En ergens tussen die pixels proberen we nog te voelen wat cultuur eigenlijk betekent.
Vroeger zat je in een theaterzaal, licht ging uit, telefoon uit, aandacht aan. Simpel. Nu zitten we met z’n allen in dezelfde zaal, maar ieder in z’n eigen wereld. Iemand filmt het openingsnummer, de ander checkt even het nieuws, en ergens achterin gaat een ringtone af die nog uit 2007 lijkt te komen. Samen beleven is ineens een optelsom van individueel gedrag.
En toch… we noemen het allemaal cultuur. Een TikTok van 15 seconden krijgt soms meer aandacht dan een toneelstuk waar maanden aan is gewerkt. Is dat erg? Misschien niet. Cultuur verandert nu eenmaal. Van schilderij naar televisie, van televisie naar smartphone. Alleen de snelheid… die is nieuw. Sneller dan een buschauffeur die geen goedemorgen terugkrijgt.
Tegelijkertijd grijpen we massaal terug naar vroeger. Vinylplaten draaien weer, oude series worden opnieuw gekeken, festivals gooien retro-thema’s over de line-up alsof het confetti is. Alsof we houvast zoeken in een tijd waarin alles constant verandert. Nostalgie als warme deken, terwijl de wereld buiten blijft doordenderen.
En ergens daar tussenin ligt de vraag die blijft knagen: voor wie is cultuur nog? Voor iedereen… of alleen voor wie het kan betalen, begrijpen of bijhouden? Want een avondje uit is tegenwoordig net zo spannend voor je agenda als voor je bankrekening.
Maar misschien zit de oplossing niet in grootse veranderingen. Misschien zit het in iets kleins. De telefoon even weg. De aandacht even aan. Gewoon weer kijken, luisteren, lachen… samen.
Want cultuur is niet wat er op het podium gebeurt. Cultuur is wat er tussen mensen ontstaat.
Vanavond duiken we in een band die nooit netjes in één vakje is blijven staan: Simple Minds uit Glasgow. Wat ooit begon vanuit punkwortels en post-punk nieuwsgierigheid, groeide uit tot een oeuvre waarin art-rock, new wave, synth-pop, ambient sferen, instrumentale stadsmuziek, politieke lading, folkachtige melancholie en stadiongrote refreinen allemaal naast elkaar kunnen bestaan zonder dat het ooit zijn eigen gezicht verliest.
Dat is ook precies hoe Jim Kerr de reis van de band later zelf samenvatte: als een tocht langs avant-garde, art-rock, pop, ambient, instrumentals, politiek, folk en het grote podium. In deze special hoor je dus geen rechte lijn, maar een landschap: van koele machines en glanzende synths naar grote drums, weidse gitaren, bezielde zang en songs die even goed in een club, kathedraal of arena kunnen wonen. Kortom: Simple Minds is geen stijl, Simple Minds is een route. En vanavond rijden we die route helemaal uit
Dat was Simple Minds met Don’t You Forget About Me. Zo’n nummer waarbij je bijna automatisch The Breakfast Club voor je ziet, en dat is ook logisch, want het werd speciaal voor die film geschreven door Keith Forsey en Steve Schiff. Het mooie verhaal erachter is dat Simple Minds het eerst helemaal niet zo zag zitten. Bryan Ferry en Billy Idol hadden al bedankt, de band zelf was ook terughoudend, en juist dat bijna-gemiste kansje werd uiteindelijk hun grote Amerikaanse doorbraak.
In mei 1985 stond het nummer op één in de Amerikaanse Billboard-hitlijst en ineens was Simple Minds niet meer alleen een grote Europese band, maar echt een wereldnaam. En eerlijk is eerlijk: die mix van melancholie, vaart en meezingrefrein werkt nog steeds alsof de jaren tachtig gisteren waren.
Dat was Belfast Child, een van de meest aangrijpende nummers die Simple Minds ooit heeft gemaakt. Het verscheen in 1989 op Street Fighting Years en kreeg zijn emotionele lading na de aanslag in Enniskillen in 1987, waarbij Jim Kerr diep geraakt werd door het nieuws uit Noord-Ierland.
Muzikaal leunt het nummer op het traditionele Ierse lied She Moved Through The Fair, en daardoor klinkt het niet als een gewone popsingle maar bijna als een klaagzang, een gebed, een open wond met hoop erin verborgen. Misschien is dat precies waarom het zo hard binnenkomt. Het werd niet alleen artistiek een van hun grootste statements, maar ook commercieel een enorme klapper: in het Verenigd Koninkrijk werd het een nummer 1-hit, en in Nederland stond het eveneens bovenaan. Een groot nummer met een grote boodschap.
Dat was Promised You A Miracle, afkomstig van New Gold Dream uit 1982, het album waarmee Simple Minds echt van gerespecteerde cultband naar grote naam begon door te schuiven. Op de officiële albumgeschiedenis noemt de band die plaat zelf een kantelpunt, en dat hoor je in dit nummer meteen terug: het is nog elegant, nog licht art-pop, maar ook al onweerstaanbaar catchy.
In het Verenigd Koninkrijk werd dit hun eerste top 20-hit, en in Nederland bereikte het nummer eveneens de hitlijsten.
Mooi detail voor de liefhebber: deze opname werd gemaakt met drummer Kenny Hyslop, die maar kort rond deze periode bij de band betrokken was. Dit is dus zo’n sleuteltrack waarop alles samenvalt: de verfijning van de vroege Simple Minds, het dansende ritme van de nieuwe tijd, en de eerste echte geur van grote doorbraak. Kortom: titel klopt, belofte ingelost.
Dat was Simple Minds met Sanctify Yourself, een track van Once Upon a Time, het album uit 1985 waarmee de band definitief op het grote wereldpodium belandde. Die plaat leverde vier grote singles op, en Sanctify Yourself haalde in het Verenigd Koninkrijk de top 10.
Wat dit nummer zo sterk maakt, is dat het tegelijk groots en onrustig klinkt: arena-pop, jazeker, maar wel met die typische Simple Minds-spanning. Alles beweegt, alles dringt aan, alsof het nummer voortdurend naar een hogere versnelling zoekt.
Ook visueel zat het destijds raak: in de officiële video werd de band in volle kleur en vaart neergezet, helemaal passend bij dat zelfbewuste midden-jaren-tachtig-geluid. Dit is dus niet zomaar een hit, maar ook een perfecte momentopname van de fase waarin Simple Minds kunstzinnigheid en massabereik moeiteloos liet samenvallen.
Dat was Moscow Underground, en daarmee springen we ineens van de klassieke jaren tachtig naar 2009. Het nummer opent Graffiti Soul, het vijftiende studioalbum van de band, en dat is meteen veelzeggend: Simple Minds koos hier niet voor een makkelijke meezinger als opener, maar voor iets donkerders, filmischers en geheimzinnigers.
Op de officiële songarchieven wordt gesproken over een subtiele treinriff, Oost-Europese strijkers en bijna een spionagefilm-sfeer, en recensenten van toen zagen het als een duidelijke statement of intent.
Geen nostalgische terugblik dus, maar een band die nog steeds sfeer kon bouwen en spanning kon oproepen zonder op oude hits te leunen. Dat vind ik misschien nog wel het sterkst aan deze track: hij vraagt iets meer aandacht, maar als je hem die geeft, blijft hij ook echt hangen. Een latere parel, zonder twijfel.
Dat was Alive And Kicking, misschien wel de warmste vuist-in-de-lucht-plaat van Simple Minds. Het nummer komt van Once Upon a Time, het album dat in 1985 naar de eerste plek van de Britse albumlijst ging, en de single zelf schopte het tot nummer 7 in het Verenigd Koninkrijk en nummer 3 in de Verenigde Staten.
Jim Kerr vertelde later dat de inspiratie voor de tekst kwam tijdens een zomers verblijf in New York, op een moment waarop de band voelde dat alles openlag en er echt iets in de lucht hing. Dat hoor je ook: dit is geen sombere new wave meer, dit is pure hoop op groot formaat.
En dan heb je natuurlijk nog dat slot met die beroemde zanglijn die iedereen kan meedoen. Geen ingewikkelde poëzie, gewoon zo’n refrein dat meteen mensen verzamelt. En op de radio is dat goud, toch.
Dat was Someone Somewhere In Summertime, de openingstrack van New Gold Dream, en je kunt je eerlijk gezegd nauwelijks een mooiere binnenkomer voorstellen. Deze song begon ooit met de werktitel Summer Song, en dat voel je nog steeds: alles eraan gloeit, zweeft en lijkt in zacht licht te baden.
New Gold Dream geldt binnen de Simple Minds-catalogus als de grote doorbraakplaat en als een album waar de band zelf nog altijd met bijzondere liefde op terugkijkt. De Guardian noemde dit nummer ooit een “wals door mythische augustusnevel”, en dat is eigenlijk enger raak dan je lief is. Het was niet hun grootste chartkraker, maar wel precies zo’n lied waardoor je snapt waarom mensen Simple Minds in deze periode bijna magisch vonden. Minder spierballen, meer sfeer. En juist daardoor blijft het zo erg hangen.
Dat was Theme For Great Cities, en ja hoor, een instrumentaal nummer dat zó veel karakter heeft dat woorden hier bijna in de weg lopen.
In de officiële archieven van de band lees je dat het in 1981 begon als een van drie demo’s die Mick MacNeil aan Jim Kerr doorgaf, en omdat er maar geen tekst op wilde landen, stond het intern een tijd bekend als The Third Track.
Gelukkig bleef het instrumentaal, want juist daardoor kreeg het iets futuristisch en open. Later werd het volgens diezelfde archieven en volgens de Guardian een track die opvallend veel invloed had op latere dance- en Balearic-remixen. Best spectaculair voor iets dat ooit gewoon als hardnekkige demo rondzwierf.
Dit is de avontuurlijke, vroege Simple Minds: minder stadion, meer nachtelijke snelweg, neon in de verte, en een motor die maar blijft draaien.
Dat was Waterfront, en achter die grote, directe rocksound zit eigenlijk een heel lokaal en menselijk verhaal. Het nummer verscheen op Sparkle in the Rain uit 1984, het album dat voor Simple Minds de grote commerciële doorbraak betekende en meteen naar nummer 1 ging in het Verenigd Koninkrijk.
Jim Kerr vertelde dat Waterfront ontstond in een periode waarin Glasgow in verval was geraakt: scheepswerven verdwenen, de stad voelde als een spookstad, en toch zag hij tijdens een avondwandeling langs de rivier ineens weer leven terugkeren. Daar begon de tekst te stromen.
En Charlie Burchill vertelde dan weer hoe die beroemde baslijn ontstond via een Dynacord-versterker en eigenlijk neerkomt op één herhaalde noot.
Moraal van het verhaal: soms heb je geen duizend noten nodig, maar gewoon één goeie. En deze is raak, elke keer opnieuw.
Dat was Book Of Brilliant Things, en dat is zo’n nummer dat je misschien niet als eerste noemt als het over hits gaat, maar wel meteen voelt als je het hoort. Het staat op Sparkle in the Rain, maar de achtergrond maakt het nog veel mooier: Jim Kerr zei later dat dit een van de Simple Minds-songs is waarmee hij zich het sterkst verbonden voelt.
De inspiratie kwam onder meer van zijn vader, die zichzelf ontwikkelde door veel te lezen, en daardoor zit er in deze song veel meer dan alleen mooie melodie. Het gaat ook over kennis, verbeelding en de vrijheid om zelf te denken.
Misschien is dat precies waarom het nummer zo’n lange adem heeft, want het staat nog altijd in hun liveverhaal; ook op het in Amsterdam opgenomen Live in The City of Diamonds is het weer present. Niet schreeuwerig, wel van blijvende klasse.
Zo liep deze discografische reis van Simple Minds in een mooie boog door de tijd: van het instrumentale stadsbeeld van “Theme for Great Cities” naar de doorbraak van “Promised You a Miracle,” “Glittering Prize” en “Someone Somewhere (In Summertime)”; van de Clyde-puls van “Waterfront” en het gespierde “Speed Your Love to Me” naar het wereldwijde kantelpunt “Don’t You (Forget About Me)”. Daarna kwamen de grote arena-jaren met “Alive and Kicking,” “Book of Brilliant Things,” “Sanctify Yourself,” “All the Things She Said” en “Ghostdancing,” gevolgd door de politieke zwaarte van “Belfast Child,” het opklarende “See the Lights,” en tenslotte de late herstart met “Moscow Underground.” Dat is precies waarom Simple Minds zo goed werkt in “deDiscografievan…”: niet alleen om de hits, maar om het hele verhaal eromheen. Dit was een spin-off in de geest van deMuziekExperts: bekend waar het moet, nieuwsgierig waar het leuk wordt, en altijd net even verder dan de eerste meezinger.
Volgende week zijn we weer bij je terug met een reguliere uitzending van deMuziekExperts, nog even zonder Piet, maar hij komt binnenkort terug, al is het maar telefonisch! Maar wel nog altijd om acht uur op de dinsdagavond en elf uur op zaterdagochtend!
Voor meer informatie, teksten en fragmenten rondom dit programma of deMuziekExperts, bekijk je de volledig vernieuwde website, demuziekexperts.nl.
Ik dank je voor het luisteren, en wat deDiscografievan.. betreft, zie ik je eind volgende maand weer terug, met dan weer zo’n fantastische artiest of band! Tot dan of tot volgende week!
We leven in een tijd waarin spiegels niet meer van glas zijn… maar van schermen. Elke swipe, elke scroll, elke video zegt eigenlijk hetzelfde: “kijk naar mij… en word een beetje zoals ik.” Het is een wereld waarin filters gladder zijn dan de werkelijkheid, en waar ‘perfectie’ soms meer lijkt op een marketingstrategie dan op een mens.
En ergens is dat ook logisch. We hebben altijd al voorbeelden gehad. Vroeger keek je naar filmsterren, naar artiesten, naar mensen op een podium. Maar het verschil is… die stonden op afstand. Nu zit dat voorbeeld in je broekzak. 24 uur per dag. Met een kortingscode erbij.
Het gekke is: hoe dichterbij het komt, hoe minder echt het soms wordt. Want achter die glimlach zit vaak een contract. Achter die tip zit een verdienmodel. En achter die “dit moet je echt proberen” zit soms iets waar niemand echt over nadenkt… behalve de bankrekening.
De vraag is dus niet alleen: wat zien we? Maar vooral… wat nemen we klakkeloos over? En nog belangrijker: wat doet dat met ons, zonder dat we het doorhebben?
Vele mensen in de ontwikkelde delen van de wereld zijn de laatste decennia onder sterke invloed van influencers gekomen. Die werken vaak vanuit een kleine eigen wereld en worden bij succes snel ingepalmd door reclamemensen en bedrijven, die hun soms miljoenen volgers als klanten proberen over te nemen en zo hun productafzet vergroten.
De influencer wordt daar rijker van, maar verliest ook onafhankelijkheid door de druk van die partijen. En dan ontstaat een risico: er worden uitspraken gedaan over bijvoorbeeld rolverdelingen, medicijnen of manieren om je lichaam aan te passen — vaak zonder goede onderbouwing. Dat gebeurt om te voldoen aan tijdelijke schoonheidsidealen.
Ondertussen stroomt er veel geld van volgers, die soms bijna gelovig worden, naar die driehoek van influencer, producent en reclame.
Na verloop van tijd neemt de aandacht vaak af. Mensen hebben genoeg gekocht, of verliezen interesse. Soms ontstaan er zelfs problemen door slechte materialen bij cosmetische ingrepen, of door medicijnen die zonder doktersadvies zijn aangeschaft via onbetrouwbare aanbieders. Die middelen belanden deels ook in het milieu, met negatieve gevolgen voor water, planten en dieren. Zo ontstaat een keten die niet alleen de natuur schaadt, maar uiteindelijk ook onszelf.
De plastisch chirurg krijgt het druk met het herstellen van schade. Overheden en milieuorganisaties grijpen vaak pas in als de problemen zichtbaar zijn geworden. Pas na het najagen van een ‘beter uiterlijk’ komt bij velen het besef dat het innerlijk meer aandacht verdient.
Via studie, lezen, sporten en goede voorlichting vinden mensen dan een andere weg. Het lijkt alsof eerst de nadelen ervaren moeten worden, voordat we begrijpen dat echte groei van binnen zit — en niet in wat je koopt of laat aanpassen.
Misschien is dat wel de belangrijkste les: rijkdom zit niet in hoe je eruitziet, maar in wat je ontwikkelt van binnen. En dat kost vaak minder… maar levert uiteindelijk veel meer op.
De invloed van de maan op de aarde is gelukkig stabiel
00:00
00:00
We leven in een tijd waarin de mens alles wil sturen. Het weer, de energieprijzen, ons eigen slaapritme… zelfs hoe laat we opstaan laten we bepalen door een app. Controle is het nieuwe goud. Maar ergens daarboven hangt iets dat zich daar helemaal niks van aantrekt. Geen update, geen algoritme, geen minister die er beleid op maakt.
En toch… blijven we proberen. We praten over klimaatbeheersing, over geo-engineering, over het beïnvloeden van de natuur alsof het een thermostaat is. Iets te warm? Draaien we ‘m omlaag. Iets te nat? Dan fixen we dat wel. Het klinkt soms alsof de aarde een apparaat is dat we even opnieuw kunnen instellen.
Maar wat als er krachten zijn die al miljoenen jaren precies doen wat ze moeten doen… zonder dat wij daar ook maar iets van begrijpen? En wat als onze drang om in te grijpen juist het enige is dat die balans kan verstoren?
Het is een fascinerend idee: dat iets ogenschijnlijk eenvoudigs, iets wat we elke avond zien zonder erbij stil te staan, misschien wel één van de meest bepalende factoren is voor hoe wij hier überhaupt kunnen leven. En tegelijkertijd… misschien ook iets waar we, laten we eerlijk zijn, beter gewoon met onze tengels vanaf kunnen blijven.
De maan die rondom ons draait heeft veel meer invloed dan wij mensen weten. En lijkt een stabiele factor waar wij als mens niet veel aan kunnen verknoeien of veranderen. Wat als die maan er niet zou zijn? Dat is de eerste vraag in deze column. Er was ooit een professor doe voorstelde om ons arsenaal aan kernbommen maar op de maan af te vuren. Want dan zouden er bij ons op die aarde geen overstromingen en eb en vloed meer bestaan of hittegolven. De warmte-regulatie in de oceanen houdt dan op. De nachtdieren zijn hun navigatie dan kwijt qua zicht en magnetisme-gevoel.
Door de wel geringe aantrekkingskracht van de maan wiebelt de aarde minder. Wel blijft de aarde leefbaar, met of zonder dat rare schepsel mens. Dat idee om de maan op te ruimen is al net zo idioot als het maar door blijven vergroten van het kernwapen-areaal.
We moeten de maan vooral blijven zien als een onlosmakelijk geheel van onze aarde met de pluspunten en die paar minpunten. Volgens onderzoeken is deze maan zelfs een deel van de aarde geweest. Totdat er een verschrikkelijke botsing plaatsvond tussen de aarde en een iets kleinere planeet, die nu nog als een soort stofwolk in ons zonnestelsel rondvliegt onder de naam Planetoïdengordel of de Asteroïedengordel tussen Mars en Jupiter in.
Binnenkort gaan er weer eens na lange tijd een paar mensen naar de maan om er ook op te gaan staan. Een van die kosmonauten meldde dat de maan ook nog wel eens een aardige reisbestemming zou kunnen worden. Mij lijkt dat niet zo gunstig voor die maan. We hebben bv. al voor duizenden tonnen ruimteafval gezorgd en dat toenemende afval zal dan bij de heen en weer vluchten naar de maan zich ook uit gaan strekken naar de oppervlakte van deze maan. En voor de mens is een avondje volle maan een rustpunt en een romantisch teken in ons hectische 21e eeuwse maatschappij. Gelukkig maar, het bestaan van deze maan.
Er was een tijd — en dat klinkt meteen alsof we met een kopje koffie bij opa aan tafel zitten — dat internationale samenwerking iets bijna magisch had. Landen die samenkwamen, niet om elkaar de maat te nemen, maar om elkaar tegen te houden. Tegen oorlog, tegen chaos, tegen… onszelf eigenlijk.
Vandaag de dag voelt dat anders. We hebben meer overleg, meer vergaderingen, meer camera’s… maar minder resultaat. Het is een beetje alsof je met tien man een lekkend dak staat te bespreken, terwijl het ondertussen gewoon doorregent in de woonkamer.
En ja, we zien alles. Of nou ja… we dénken dat we alles zien. Beelden, meningen, analyses — de hele dag door. Maar hoe meer er binnenkomt, hoe minder duidelijk het wordt wat er nou écht speelt. Het grote plaatje raakt versnipperd, alsof iemand de puzzelstukjes heeft uitgedeeld en niemand nog weet hoe het eindresultaat eruit hoort te zien.
En ergens, midden in dat wereldtoneel… staat nog altijd dat ene grote podium. Met vlaggen, microfoons en mooie woorden.
Maar wat gebeurt daar nog echt?
Al jaren vragen wij ons af of er in dat enorme gebouw van de Verenigde Naties in New York, met al die betaalde medewerkers van aangesloten landen, nog iets tot stand wordt gebracht. De nieuwsmedia overal ter wereld hebben iedere dag veel te melden, vooral over de actuele gebeurtenissen van die dag, door filmbeelden te tonen met commentaar erbij of erna.
Dat is een constante hapsnap, een diarree aan beelden. De beeldeditors zien meer dan de presentatoren. Wat laten ze niet zien, wat wordt gecensureerd? Zo weten we dat we niet alles weten. Of dat we bijna niet meer weten wat echt waar is, wat belangrijk of urgent is in de wereld. En of dat urgent is, of kennis waar we later iets aan hebben.
Libanon smeekte de VN om in te grijpen omdat het rabiate Israël in zijn verbeten jacht op Hamas delen van Zuid-Libanon wil halveren door bruggen op te blazen en huizen te vernietigen. Waarschijnlijk met de inboedel van onschuldige burgers er nog in. Want naast een paar Hamassers gaan er veel meer burgers dooD door collateral damage.
Nog een voorbeeld van een lamgeslagen VN: in en rond de Zuidpool verdwijnt kwetsbare natuur door massale vervuiling van lucht en water.
Dieren verdwijnen door enorme Japanse vissersschepen die al jaren jagen op grote hoeveelheden krill. Daardoor hebben walvissen niet genoeg voedsel en zijn er minder scholen vis voor pinguïns, dolfijnen en orka’s. Die vangsten verdwijnen in de voedings- en medicijnenindustrie.
Daar zouden de Verenigde Naties kunnen optreden, bijvoorbeeld met een vloot van welwillende naties die het milieu beschermen. Dat is ook nodig in de grote oerwoudgebieden op aarde. Die reguleren via wind- en zeestromen de wateraanvoer en het leven met planten en dieren. Met goede bescherming kunnen ecosystemen zelfs herstellen.
Waarvoor dienen anders die Verenigde Naties, sinds de Tweede Wereldoorlog ingesteld om oorlogen te voorkomen en de aarde te helpen voortbestaan? Kom op landen, grijp op tijd in, met kracht en inventiviteit!