Bij cultuur denken we vaak aan een toneelzaal, een concert of een schilderij. Aan dingen die we mooi vinden, die ons raken of die ons een leuke avond bezorgen. Maar soms komt er iets voorbij waarbij we niet meteen weten wat we ervan moeten vinden.
Stel je een artiest voor die uren voor de spiegel staat. Een dikke laag schmink, een pruik die nauwelijks door de deuropening past en hakken waar menig bouwvakker hoogtevrees van krijgt.
En tegen de tijd dat die artiest het podium oploopt, is er van de persoon die ‘s middags nog boodschappen deed bijna niets meer te herkennen.
De één denkt: fantastisch, wat een werk, wat een lef! De ander denkt: waarom moet dat nou zo overdreven? En een derde vraagt zich vooral af of die enorme verenbos het brandalarm niet activeert.
Het bijzondere is dat al die reacties naast elkaar bestaan.
Want waar houdt verkleden op en begint kunst? Wanneer is iets vermakelijk, wanneer uitdagend en wanneer gaat het voor iemand te ver?
In cultuur kijken we vandaag naar drag. Een wereld van glitter, humor en uitgesproken persoonlijkheden, maar ook een onderwerp waar de meningen behoorlijk over verdeeld zijn.
En misschien is juist dát een reden om er eens wat beter naar te kijken.
Wie bij drag alleen denkt aan een man in een jurk, mist een groot deel van het verhaal. Drag is een vorm van podiumkunst waarin artiesten spelen met uiterlijk, vrouwelijkheid, mannelijkheid en alles daartussen. Met kostuums, make-up, dans, zang en humor. En ja, soms behoorlijk overdreven.
Dat mannen op het toneel vrouwenrollen spelen, is trouwens bepaald niet nieuw. In de tijd van Shakespeare werden vrouwenrollen door jongens en jonge mannen gespeeld. En Nederland had vanaf 1937 de dames Snip en Snap. Willy Walden en Piet Muijselaar, twee mannen in jurken die volle zalen trokken.
Dat was niet dezelfde dragcultuur als tegenwoordig, maar het spelen met mannelijke en vrouwelijke rollen kennen we al eeuwen.
Toch roept drag tegenwoordig meer vragen op dan alleen: vinden we het mooi?
Want eerlijk is eerlijk, sommige dragartiesten leveren indrukwekkend werk. Kostuums waar dagen aan gewerkt is, prachtige make-up, humor en een perfecte timing. Achter zo’n uitbundig optreden schuilt soms meer vakmanschap dan je op het eerste gezicht zou denken.
En voor sommige artiesten betekent drag ook vrijheid. Even iemand kunnen zijn die je in het dagelijks leven misschien niet durft te zijn. Waarom zouden we dat geen cultuur noemen?
Maar er is ook een andere kant.
Niet iedereen zit te wachten op zoveel uitbundigheid. Sommige optredens zijn seksueel getint of zoeken bewust de grenzen op. En wanneer drag verschijnt tijdens een voorleesmiddag in een bibliotheek, vragen sommige ouders zich af of dat wel geschikt is voor jonge kinderen.
Dat zijn vragen die je serieus mag nemen. Want wat past bij een avondvoorstelling voor volwassenen, past niet automatisch bij een kinderactiviteit.
Aan de andere kant is een dragshow voor volwassenen ook niet hetzelfde als iemand in een kleurrijk kostuum die kinderen een verhaal voorleest. Toch worden die twee in discussies nogal eens op één hoop gegooid.
En daar begint het probleem.
We hebben het al snel over wat anderen wel of niet zouden mogen zien, terwijl we nauwelijks nog kijken naar wat er daadwerkelijk wordt opgevoerd.
Misschien is drag ook zo’n gevoelig onderwerp omdat het speelt met onze vertrouwde ideeën over mannen en vrouwen. De één vindt dat verfrissend en bevrijdend. De ander voelt zich er ongemakkelijk bij of vraagt zich af waarom alles tegenwoordig ter discussie moet staan.
Dat verschil in opvatting hoeft helemaal niet verkeerd te zijn.
Moeten we drag dan allemaal mooi vinden? Natuurlijk niet. Je mag een voorstelling verschrikkelijk vinden. Je mag kritiek hebben op de inhoud. En je hoeft ook niet ieder nieuw cultureel verschijnsel toe te juichen.
Maar laten we niet vergeten dat cultuur meer is dan wat we zelf graag zien.
Soms is cultuur ontroerend, soms vermakelijk en soms behoorlijk ongemakkelijk.
Drag kan prachtig zijn, maar ook ordinair of provocerend. Net zoals cabaret, toneel of andere vormen van amusement.
Misschien moeten we daarom niet vragen of we drag wel willen, maar vooral kijken naar de uitvoering, de gelegenheid en het publiek.
Want uiteindelijk zegt een pruik op zichzelf weinig over de kwaliteit van een voorstelling.
Daarvoor moet je toch echt even blijven zitten tot het doek opgaat.