Een zeldzaam natuurverschijnsel heeft één groot voordeel boven een langzaam probleem: het haalt meteen de camera’s.
Voor iets dat een paar minuten duurt reserveren mensen een hotel, zetten ze een wekker en rijden ze desnoods honderden kilometers.
Veranderingen die zich jaar na jaar opstapelen zijn veel lastiger voor ons hoofd.
Die hebben geen duidelijk startschot, geen aftelklok en meestal ook geen souvenirbrilletje.
Dat verschil zegt iets over hoe wij nieuws beleven.
Een spectaculair moment voelt dringend, terwijl een trend pas opvalt als je er lang genoeg naar kijkt.
Wetenschap werkt juist andersom: niet één warme dag of één koude week is doorslaggevend, maar de reeks metingen erachter.
En toch hebben we die bijzondere momenten nodig, want verwondering maakt ons nieuwsgierig.
Misschien is dat wel de beste combinatie: omhoogkijken voor het wonder en daarna weer naar beneden kijken naar wat er hier op aarde gebeurt.
Piet pakt in zijn Uitspraak van vanavond precies zo’n moment bij de kop.
Er zit een heuse zonsverduistering aan te komen nu in augustus.
Die is in Nederland gedeeltelijk en redelijk goed te zien, maar in delen van Spanje wordt de zon zelfs volledig verduisterd en zal dus duidelijker te zien zijn.
En wel op woensdag 12 augustus ongeveer tussen 20.26 en 20.33 uur.
De fans die dit mee willen maken gaan vanuit heel Europa richting Spanje.
Misschien wel met het vliegtuig of de auto.
En ze plakken er meestal een aantal dagen aan vast om de cultuur of wat vrije tijd nog leuk in te vullen daar.
Na en tijdens deze zomer met vele natuurbranden hopen bezoekers het verschijnsel rustig te kunnen beleven.
Ja, zo’n zonsverduistering kan plaatselijk even invloed hebben op de temperatuur.
Doordat de maan tijdelijk het directe zonlicht tegenhoudt, kan de lucht enkele graden afkoelen.
Maar om voor een paar minuten dat live te gaan aanschouwen en dat nog heel ver hier vandaan is voor menigeen wel “een ver van mij omhoogkijken-show”.
Nu is in de titel natuurlijk de hypothetische vraag gevallen of die verduistering de huidige
te hoge temperaturen gaat tegenhouden in de atmosfeer.
Voor heel even natuurlijk dan wel.
Ik leg nu de vergelijking met de klimaatopwarming-ontkenners.
Die mensen zeggen dat de nu wel heel snelle veranderingen in het klimaat toeval zijn en natuurlijk ook van tijdelijke aard zijn.
Dus dan is dit verschijnsel niet wetenschappelijk, maar wel te vergelijken met deze tijdelijke zonsverduistering.
Maar tijd is zeker een relatief begrip hier. Rond het einde van de middeleeuwen was er een kleine ijstijd in Nederland.
Wat moeten de mensen het toen in hun tochtige huizen koud gehad hebben.
Maar die kleine ijstijd hield, met de nodige schommelingen, enkele eeuwen aan. Dat is ook al kort in de wereldgeschiedenis.
De huidige opwarming verloopt bijzonder snel: volgens het IPCC in een tempo dat in minstens tweeduizend jaar niet is voorgekomen, maar is wel heel ontwrichtend.
Dat kan niet meer ontkend worden en daar moet wereldwijd heel veel aan gaan gebeuren.
Zeker om nog genoeg schoon (drink)water te hebben voor al die mensen, dieren, planten en de hiermee samenhangende ecosystemen.
We hopen maar dat we niet alleen ons geld aan reisjes uitgeven om naar natuurverschijnselen te gaan kijken, maar ook geld en energie over hebben om verdere klimaatverandering tegen te gaan en onze leefomgeving te beschermen.