Universiteiten worden vaak besproken alsof het alleen maar diploma-fabrieken zijn.
Alsof het gaat om rendement, doorstroom en een nette stapel cv’s.
Maar een universiteit hoort ook de plek te zijn waar een samenleving leert om twijfel te verdragen.
Waar mensen juist tijd krijgen om iets uit te zoeken dat nog niet meteen geld oplevert, stemmen wint of lekker bekt in een verkiezingsspotje.
En precies daar wringt het steeds vaker.
We leven in een tijd waarin bestuurders op veel terreinen haast verwarren met daadkracht.
Wie langzaam denkt, ligt eruit.
Wie nuanceert, klinkt verdacht.
Wie moeilijke vragen stelt, krijgt al snel het verwijt dat hij of zij buiten de werkelijkheid leeft.
Terwijl beschaving vaak juist begint bij mensen die niet meteen meelopen met het hardste geroep.
Cultuur van vanavond gaat daarom niet over een detail, maar over iets groters: wat er gebeurt als kennis haar rust verliest en macht gaat bepalen wat nog nuttig mag heten.
Deze afbraak is in deze tweede Trumptermijn begonnen. Wie het heeft bedacht is wel duidelijk, maar dat andere mensen deze decreten uitvoeren is dubieus en slecht voor de USA. Niet alleen voor dat land zelf, maar ook voor zijn reputatie in het buitenland.
Wat is er aan de hand? Door vermeende bezwaren tegen professoren, onderzoekers, diversiteitsbeleid en hele vakgebieden zijn onderzoeksteams opgeheven of in geldstromen beknot. Universiteiten worden onder politieke druk gezet om zich naar de agenda van Washington te voegen. Onderwerpen die door de machthebbers als te woke of te links worden gezien, komen sneller onder vuur te liggen.
Een gevolg hiervan is dat veel wetenschappers om zich heen kijken. Niet alleen in woorden, maar soms ook in daden. Europa probeert dat talent binnen te halen, en in Frankrijk zijn inmiddels daadwerkelijk tientallen onderzoekers uit de Verenigde Staten heen gegaan. Dat is voor ontvangende landen aantrekkelijk, want kennis, opleiding en onderzoek tillen een economie op.
Maar wat levert het de Verenigde Staten uiteindelijk op? Op korte termijn lijkt het geld te schelen als afdelingen worden gesloten en subsidies worden geschrapt. Op langere termijn raak je kennis kwijt, jaag je talent weg en tast je het vertrouwen in je eigen instellingen aan. Dat doet denken aan samenlevingen waarin geschiedenis en werkelijkheid steeds meer worden herschreven naar de smaak van de macht.
Die lijn zie je ook elders terug. Transgender militairen werden doelwit van beleid en rechtszaken, en in de Pentagon-opruiming van DEI-materiaal verdwenen zelfs pagina’s en beelden over zwarte militairen, vrouwen en historische pioniers. Daarnaast leven ook migranten met een tijdelijke legale status in grotere onzekerheid, doordat bescherming of verblijfszekerheid sneller kan worden ingetrokken.
In beide gevallen kun je spreken van een braindrain en van zelfbeschadiging. Een land verzwakt zichzelf als het tegelijk lager en hoger opgeleiden wegduwt, wantrouwen zaait tegen universiteiten en wetenschap als verdachte luxe behandelt. Dan hou je geen trotse kennisnatie over, maar een onrustig land dat zijn eigen fundament ondermijnt.
Laten we hopen dat de Amerikanen tijdig inzien dat dit een doodlopende weg is voor een land dat nog altijd groot is, maar zichzelf kleiner maakt als het zijn kennis verkwanselt.